Home » Tips en advies

Tips en advies

Een pup zindelijk maken

 

 Neem uw pup al jong mee naar buiten en leer hem daar zijn behoefte te doen. 

 

 

De eerste nachten dat je pup bij je in huis is kunnen erg zwaar zijn. Hij mist de warmte en geborgenheid van zijn broers en zussen in het nest.

Piepen
Met name 's nachts kan een pup de boel behoorlijk op stelten zetten. Het is aan te bevelen je hondje de eerste nachten mee naar boven te nemen. Zet hem in zijn bench naast je bed. Je kunt hem dan 's nachts snel buiten zetten om hem te laten plassen en/of poepen. De meeste pups kunnen de nacht nog niet doorslapen. Bijkomend voordeel van het gebruik van een bench is dat je je vingers door de tralies kunt steken om de hond een teken van gezelschap te geven.

Je komt gegarandeerd voor de volgende keuze te staan wanneer je pup 's nachts begint te piepen:
Piept mijn pup om aandacht?
Piept mijn pup omdat hij moet ontlasten?

Wat de reden ook moge zijn: laat je pup, zeker de eerste nachten, naar buiten wanneer hij piept. Je komt er namelijk snel genoeg achter of je pup piept omdat hij nodig moet ontlasten of omdat hij aandacht wil hebben. Als je pup ontlast heeft en hij piept nog, negeer dit dan. Je zult merken dat hij snel stil is.

Piepen pup voorkomen
Je kunt het piepen voorkomen door tijdig je wekker te zetten. Je voorkomt hiermee dat je pup leert dat hij door te piepen uit de bench wordt gehaald. Stel bijvoorbeeld dat de hond zijn plas tot circa 03.00 uur kan ophouden, zet dan je wekker op 02.30 uur. In het begin is het verstandig om de wekker om 06.00 uur weer af te laten gaan, zodat je zeker weet dat de pup niet gillend wakker wordt. Het grote voordeel hiervan is dat de hond (en waar­schijnlijk jij ook) weer snel en rustig inslaapt omdat hij niet klaarwakker is geworden van zijn eigen gegil.

Kruik voor je pup
Sommige pups vinden het fijn om tegen een kruikje aan te liggen. Een kruik kun je het best maken van een harde plastic limonadefles. Deze vul je met warm/lauw water en de fles wikkel je in een kus­sensloop. Een zachte kruik is af te raden, omdat hier meestal een gel inzit die giftig is. Geef je pup na 21.00 uur geen drinken meer. Hier­door kan de hond zijn plas 's nachts beter ophouden.


Als je pup 's nachts minder piept, kun je de bench met je pup beneden laten staan. Dit kan meestal al na een paar nachten. Zorg er wel voor dat je je pup kunt horen. Je zult er nog wel uit moeten als hij moet plassen of poepen. Doe dit dan ook zonder plichtplegingen of aandacht. Knuffel de hond niet uitgebreid. De meeste pups kunnen in de leeftijd van 8-12 weken de nacht doorslapen. Het komt echter ook voor dat dit pas later kan.

Overdag buiten de bench
Wanneer je pup overdag buiten de bench is en vrij in de kamer rondloopt, dien je goed op hem te letten. De verleiding is erg groot voor de hond om rustig in een hoekje van de kamer zijn ontlasting te deponeren. Hij weet immers nog niet beter. Als je je pup al snuffelend rond ziet scharrelen of zenuwachtig op en neer ziet dribbelen, dan is de kans groot dat hij moet ontlasten. Zindelijkheidstraining is gericht op het voorkomen van ontlasten op de "verkeerde" plek. Door de hond op tijd naar de "juiste" plek te brengen, leert de hond waar hij wel kan ontlasten.

Hoe vaak moet de pup ontlasten?
Vanaf het moment dat je de pup in huis hebt, doe je je best om hem zindelijk te maken. Na elke activiteit (zoals trainen, spelen, eten, etc.) zal de pup moeten ontlasten. Het is dan ook zaak om de pup na een activiteit direct buiten te zetten. De pup zal 5 tot 10 minuten nadat hij heeft gedronken moeten plassen. Zeker in het begin kan het gebeuren dat de hond kort voor het eten, maar ook kort na het eten, moet poepen.

Ontlasten op commando
Een belangrijk onderdeel van de zindelijkheidstraining is om de periode dat de pup zijn ontlasting kan ophouden langzaam op te bouwen.

De eerste paar maanden zul je veel tijd buiten moeten doorbrengen, omdat je moet wachten totdat je pup heeft geplast of gepoept. Wil je efficiënter werken, dan kun je ervoor kiezen je hond op com­mando te leren plassen en poepen. Het is namelijk redelijk voorspelbaar wanneer hij 'moet', namelijk nadat hij uit de bench is gehaald, na veel drinken en na het spelen. En dat kun je beïnvloeden.

Hoe werkt dit:
Bepaal welk commando je je hond wilt leren om te ontlasten. Wanneer je hebt bepaald welk commando het wordt (let er wel op dat dit een commando is dat je ook in het openbaar gaat gebruiken!), dan ben je er klaar voor om te beginnen.

Doe je puppy aan de riem elke keer dat je je puppy mee naar buiten neemt. Dit zorgt ervoor dat je controle over hem hebt en dat hij zich moet concentreren op zijn belangrijke taak.

Ga naar zijn vaste ontlastplek.

Laat de pup hier zijn behoefte doen.

Wanneer je ziet dat hij gaat plassen (of poepen), geef dan direct het commando dat je eerder hebt bepaald.
Als de hond klaar is, geef hem dan gelijk een snoepje om hem te belonen.

Deze training is extra handig voor als het regent en koud is of wanneer je even weinig tijd hebt. Ook voorkom je zo dat de hond op een plek ontlast waar je dit liever niet hebt (midden in een drukke straat of iets dergelijks).Ongelukjes gebeuren nu eenmaal
Als je pup toch binnen heeft ontlast, zonder dat je erbij was, kun je het beste zijn plas of poep direct opruimen. Negeer de hond, want je hond mag niet leren dat er veel aandacht aan hem gegeven wordt wanneer hij binnen ontlast heeft. Indien je ooggetuige bent van het ongelukje, pak dan snel de pup op en breng hem naar buiten. De pup houdt vanzelf op met plassen (of poepen) als je hem op­pakt. Gaat hij buiten verder met plassen of poepen, beloon hem dan. Vergeet niet de rommel direct weer op te ruimen als je terug naar binnen gaat!

Je pup hoeft niet te zien dat je de ontlasting op­ruimt. Maak je pup niet bang door bedreigend en gillend op hem af te rennen, want het gevolg hier­van kan zijn dat de pup niet meer durft te ontlasten als je in zijn buurt bent. Dit lijkt een handige oplos­sing voor binnen in huis, maar het gevolg hiervan kan zijn dat de pup op stiekeme plaatsen gaat ont­lasten. Of nog vervelender: je pup durft buitenshuis niet meer te ontlasten in jouw aanwezigheid.

Deemoedsplasjes
Sommige pups laten hun plas lopen wanneer ze begroet worden. Dit is een normale uiting van onderwerping waar ze vaak overheen groeien. Deze deemoedplasjes hebben niets met onzindelijkheid te maken. Het is een communicatiemiddel van de hond waarmee hij probeert aan te geven dat je in rang hoger bent.

Dit gebeurt ook wel eens bij pups en honden die heel enthou­siast worden wanneer mensen binnenkomen. Om hier snel vanaf te komen kun je het beste bij binnenkomst je pup even negeren door hem niet aan te kijken en geen lichame­lijk contact te maken. Roep je pup na een minuut bij jou en aai hem rustig over zijn borstje. Houd het contact kort en voorkom dat je pup zijn deemoedplasje doet. Blijf rustig en probeer oogcontact te vermijden. Je maakt jezelf ook minder bedreigend door je lichaam een beetje van je pup af te wenden en door je knieën te gaan.

Raak niet gefrustreerd
Wanhoop niet wanneer de pup in deze periode een paar keer de fout gaat. Je krijgt vast en zeker verhalen te horen van mensen die 'hun pup' binnen een paar dagen zindelijk gemaakt hebben. Het is een feit dat de ene pup eerder zindelijk is dan de andere pup. Gebruik geen kranten en/of andere hulpmiddelen om je hond toch binnen te laten ont­lasten. Je maakt het probleem hiermee alleen maar groter. Vergeet niet dat het zindelijkheidsbesef een aangeboren eigenschap is. Iedere hond heeft het. Ook voor zindelijkheid geldt: wanneer na een paar maanden blijkt dat de hond echt niet zindelijk wordt, neem dan contact op met de dierenarts en/of een gediplomeerd gedragstherapeut.

Tips om je pup zindelijk te krijgen:
Geef de pup na 21.00 uur geen drinken meer
Als de hond ‘s nachts minder piept kan de bench met de pup weer beneden staan
Zindelijkheidstraining is gericht op het voorkomen van ontlasten op de verkeerde plek. Breng je hond op tijd op de juiste plek en de hond leert waar hij wel kan ontlasten. Na elke activiteit (trainen, spelen, eten) zul de pup moeten ontlasten. Na activiteiten direct naar buiten

Wat ik zelf deed met onze Zaros ik heb de eerste 4 dagen beneden op de bank in de woonkamer geslapen en hem uit de Bench gelaten. Zo kon ik hem goed in de gaten houden en kon hij zelf zijn plekjes in huis vinden en ontdekken.Na 4 dagen heb ik hem aan de bench gewend.

Benchtraining

 
Zaros vind de bench geen enkel probleem

Het gebruik van de Bench

Een bench (ook kamerkennel of hondenbox) is een metalen kooi die speciaal voor honden is bedoeld. Hoewel een bench helaas niet echt goedkoop is in aanschaf, loont het gebruik toch vaak de moeite. Dit kan erg nuttig zijn bij de zindelijkheidstraining en bij het voorkomen van probleemgedrag wanneer de hond alleen is.

In de natuur graaft een wolf een hol en trekt zich terug bij gevaar. Ook wanneer een wolvin kleintjes krijgt trekt zij zich terug om zich veilig te stellen van roofdieren. Onze hond heeft ook behoefte aan een hol. Een bench is perfect voor deze behoefte van onze hond. De bench biedt hem veiligheid en kalmte zonder dat hij zich moet afzonderen van iedereen. Dankzij de tralies kan onze hond nog altijd waarnemen wat er rond hem gebeurd.

Honden die leiden aan scheidingsangst zullen zich beter voelen in hun bench. Zo moeten ze niet zo'n groot territorium in het oog houden. Een angstige hond kan uw meubelen beschadigen, net zoals een puppy die nog moet leren wat mag en wat niet. Een slechte gewoonte kan rap een normaliteit worden bij de jonge hond. Een correct gebruik van de bench kan dit genre van problemen vermijden. Een bench kan ook heel nuttig zijn voor de zindelijkheidstraining, in de natuur bevuilt een hond zijn eigen hol ook niet. De bench is opvouwbaar en neemt weining plaats in in uw auto. U kan uw hond gemakkelijk meenemen op vakantie, hij zal zich gemakkelijker voelen als hij zijn 'huisje' bij zich heeft.

De bench kan gemakkelijk in de auto gebruikt worden. Het is een perfect transportmiddel. De hond kan niets beschadigen in uw auto, hij kan de bestuurder niet storen tijdens het rijden. Als u een ongeval doet, zal uw hond minder snel verwond geraken als hij in zijn bench zit. Hij kan bijvoorbeeld niet door een of ander raam naar buiten gekatapulteerd worden. Als, door de impact, uw deuren openen, kan de hond niet de snelweg oplopen en zich bezeren in paniek.

Kort samengevat is de bench een praktisch middel in de educatie van uw hond. U geeft hem wat hij nodig heeft, een schuilplaats waar hij zich veilig kan voelen.

Hoe de juiste grootte kiezen?
Houd rekening met volgende criteria vooraleer een grootte van bench te kiezen: Uw hond moet normaal kunnen rechtstaan, zich omdraaien, en zich comfortabel leggen. Als de bench te groot is, zal u hond er zich niet veilig voelen. Als de bench te klein is zal hij zich er niet op zijn gemak voelen. Vraag raad aan de verkoper vooraleer een bench te kopen. Voor een puppy van een groot ras, mag u een bench kopen voor zijn grootte als volwassen hond, dit zal veel te groot zijn, maar u kan een afscheiding plaatsen in de bench om de bench te verkleinen.

Bench-Training
Lees dit document aandachtig alvorens de bench te gebruiken

Een bench, oftewel kamerkennel of hondenbox, is een metalen kooi die speciaal voor honden is bedoeld. Hoewel een bench helaas niet echt goedkoop in aanschaf is, loont de aanschaf ervan vaak toch de moeite. Het gebruik van de bench kan erg nuttig zijn bij de zindelijkheidstraining en bij het voorkomen van probleemgedrag bijvoorbeeld wanneer de hond alleen is. Het gebruik van de bench maakt een mand overbodig.

Een hondenbench voor de auto is ideaal voor de veiligheid van de hond en chauffeur te verzekeren.

Voordelen van een bench:

Uw hond zal zich prettiger voelen in de bench wanneer hij alleen thuis moet blijven. De bench is voor de hond een soort hol waarin hij veilig is, zoals honden in het wild ook een veilig hol hebben. De kans dat hij de hele buurt bij elkaar jankt is daarom ook een stuk kleiner!
Uw hond krijgt de kans niet om 'rottigheid' uit te halen terwijl u weg bent. Toch prettig natuurlijk wanneer u zeker weet dat uw hond zich niet tegoed zal doen aan uw bankstel of uw vloerbedekking!
In de auto vormt de hond geen enkel gevaar voor de chauffeur. Als u toch een ongeval doet kunnen de hulpdiensten in alle veiligheid hun werk verrichten, vaak verliezen de hulpdiensten levensbelangrijke minuten omdat de hond agressief reageert uit paniek.
Wanneer uw hond nog niet (helemaal) zindelijk is, vergroot het gebruik van de bench de kans dat het toch 'droog' blijft terwijl u weg bent (ook 's nachts!). Een hond zal namelijk zijn eigen hol niet graag bevuilen.

Voordat u de hond in de bench opsluit wanneer hij alleen thuis moet blijven, moet u ervoor zorgen dat de hond de bench als een prettige, veilige, ligplaats gaat beschouwen. U zet de bench in de woonkamer, op een tochtvrije plek. Het liefst op een plek van waaruit de hond de kamer goed kan overzien (de meeste honden vinden dit prettig). In de bench legt u een deken of iets dergelijks, zodat de ondergrond aangenaam is om op te liggen (Zie pagina Bench accessoires).

Om de hond te wennen aan de bench geeft u hem een lekkere kluif die hij in de bench op mag eten of een hondenkoekje. Het deurtje van de bench blijft open, maar als de hond zijn kluif of het hondenkoekje wil meenemen naar een andere plek brengt u hem rustig terug naar zijn nieuwe 'plaats'. Dit houdt u een aantal dagen vol. Iedere kluif of ander lekkers (ook zijn eten) die de hond krijgt laat u hem in de bench opeten. U kunt het beste pas doorgaan met de volgende stap, wanneer de hond geen aanstalten meer maakt om zijn kluif mee te nemen naar een andere plek, maar rustig in de bench blijft liggen totdat hij is uitgekloven.

Is de hond eenmaal zover, dan gaat u door met de volgende stap. Iedere keer wanneer de hond wil gaan slapen, bijvoorbeeld na een wandeling of een spelletje, dan brengt u de hond rustig naar zijn bench. Als de hond in de bench gaat liggen (al dan niet op uw aanwijzing) beloont u de hond door hem een speeltje of iets lekkers in de bench te geven. Wanneer de hond een mand, een ligbed of iets dergelijks had, maak het de hond dan gemakkelijker door deze (in elk geval voorlopig) weg te halen. Past de mand of het ligbed in de bench, dan kunt u die daarin natuurlijk goed gebruiken! Wanneer de hond uit zijn bench komt met de bedoeling om op een andere plek te gaan slapen, brengt u hem, net zoals eerst met de kluif, weer rustig terug naar zijn plaats.

Is de hond zover, dat hij zonder problemen in de bench wil liggen slapen en deze zelfs regelmatig zelf opzoekt, dan sluit u als de hond gaat slapen voor een tijdje het deurtje. U geeft hem hierbij de eerste keer weer een kluif of een hondenkoekje. U gaat nog niet weg, dat is pas de laatste stap. Mocht uw hond nu toch onrustig worden en/of gaan janken of blaffen, dan is het heel belangrijk dat u juist nu goed reageert. Dat wil zeggen: zolang de hond onrustig is, negeert u hem volkomen! U mag hem vooral niet troosten of geruststellen, want dan voelt de hond zich beloond voor zijn onrustige gedrag en zal hij dit dus blijven herhalen. Ook kunt u beter niet op hem mopperen, want ook dan krijgt hij toch aandacht van u en dat is precies waar hij om vraagt. Zodra de hond stil is, ook al is het maar even, gaat u op dat moment naar hem toe. Wees niet uitbundig, maar open gewoon het deurtje alsof het de normaalste zaak van de wereld is. Laat de hond direct gewoon zijn eigen gang gaan; het is niet de bedoeling dat u door uw gedrag de indruk wekt alsof er iets heel bijzonders is gebeurd.

Pas wanneer de hond rustig in de bench blijft liggen met het deurtje dicht, terwijl u thuis bent, neemt u de laatste stap. Als u (eerst voor korte tijd)weggaat, sluit u de hond op in de bench. Geef hem de eerste keer weer een kluif of hondenkoekje. Een extraatje om de hond zover te krijgen dat hij uit zichzelf met plezier in de bench gaat is nog het volgende. Leg regelmatig een paar hondenbrokjes of ander lekkers achterin de bench, op een moment dat de hond niet ziet dat u dit doet. De hond zal het al gauw de moeite vinden om telkens weer in zijn bench te gaan kijken of er misschien wel weer 'zo maar' wat lekkers ligt.

Misschien denkt u, als u dit verhaal gelezen heeft, dat een goede bench-training erg veel tijd en moeite zal kosten. In de meeste gevallen kunt u de omschreven stappen echter al binnen één tot twee weken allemaal nemen. Wel is het belangrijk dat u de hond echt stap voor stap aan de bench laat wennen en dat u daar zoveel tijd voor neemt als bij uw hond nodig is. Het resultaat moet namelijk zijn, dat de hond probleemloos alleen kan blijven in de bench, omdat hij dit als zijn eigen veilige ligplaats ziet. U mag de hond daarom ook nooit voor straf in zijn bench sturen (want dan wordt het juist een vervelende plek)! Als u kinderen heeft zult u erop moeten letten dat zij de hond als deze in zijn bench ligt ook nooit storen of lastigvallen. De bench moet juist een plek zijn waar de hond zich rustig terug kan trekken

Bij benchtraining dien je ervoor te zorgen dat de pup de bench als een prettige en veilige ligplaats gaat beschouwen.

Hoe wen je de hond aan een bench?
Je zet de bench in de woonkamer, op een tochtvrije plek. Het liefst op een plek van waaruit je pup de kamer goed kan overzien (de meeste honden vinden dit prettig). In de bench leg je een handdoek of iets dergelijks, zodat de onder­grond aangenaam is om op te liggen. Gebruik geen fleecedeken of dikke wollen deken, want de pup kan een keer ontlasting in de bench doen. Op deze materialen kun je niet zien dat je pup een plasje heeft gedaan. Leg ook geen kranten en/of ander nestmateriaal in de bench, want dan kan de pup dit materiaal gebruiken om op te ontlasten. En je dient juist te voorkomen dat de hond in zijn bench ontlast.

Iedere keer als hij wil gaan slapen, bijvoorbeeld na een wandeling of een spelletje, breng je hem rustig naar zijn bench. Als je pup in de bench gaat liggen (al dan niet op jouw aanwijzing), beloon je hem door een speeltje of iets lekkers in de bench te geven. Mocht je hond onrustig worden en/of gaan janken of blaffen, dan is het heel belangrijk dat je juist nu goed reageert. Dat wil zeggen: zolang de pup onrustig is, negeer je hem volkomen! Je mag hem vooral niet troosten of geruststellen, want dan voelt hij zich beloond voor zijn onrustige gedrag en zal hij dit gedrag blijven herhalen. Ook kun je beter niet op hem mopperen, want ook dan krijgt hij aandacht van jou en dat is precies waar hij om vraagt.

Zodra je pup stil is, ook al is het maar even, ga je naar hem toe. Wees niet uitbundig, maar open gewoon het deurtje van de bench, alsof het de normaalste zaak van de wereld is. Laat hem direct zijn eigen gang gaan. Het is vooral niet de bedoeling dat je door je gedrag de indruk wekt dat er iets heel bijzonders is gebeurd.

Handig hulpmiddel pup en bench
Nog een leuk hulpmiddeltje om je pup zover te krijgen dat hij uit zichzelf en met plezier in de bench gaat. Leg regel­matig een paar hondenbrokjes of ander lekkers achterin de bench. Doe dit op een moment dat hij niet ziet dat je dit doet. Je pup zal het al gauw de moeite waard vinden om eerst even in zijn bench te gaan kijken of er misschien wel weer "zo maar" wat lekkers ligt.

Let op:
Het lijkt soms of pups energie voor 10 hebben. Ze doen maar alsof! Sommige rassen gunnen zichzelf geen moment rust. Ze gaan maar door en worden op een gegeven moment ongecontroleerd en druk en kunnen niets meer leren. De pup in de bench zetten is op dat moment de enige manier om hem tot rust te laten komen.

Een pup wennen aan auto rijden

Er zijn honden die autorijden geweldig vinden. Er zijn er ook die de auto niet in te krijgen zijn, zo erg vinden ze het. Veelal is het een kwestie van aanleren. Neem hiervoor de tijd en voorkom daarmee lastige problemen.

Zoals je puppy aan alle nieuwe dingen in het leven moet wennen, zo moet hij ook wennen aan autorijden. Sommige pups hebben last van wagenziekte. Dit geeft je pup een negatieve associatie met autorijden en dat kan ervoor zorgen dat hij niet meer in de auto wil.

Het komt ook andersom voor. Als de autorit meestal eindigt in dat fijne park of bos, dan associeert je hond het rijden al snel met die leuke speelplaats en windt hij zich daarom bij voorbaat al erg op. Je hond blaft, piept en springt als een wilde heen en weer. Dit gedrag ontwikkelt zich al snel van kwaad tot erger en kan voor jou de autorit erg vervelend maken.

Voor beide situaties geldt dat voorkomen beter is dan genezen. Als je hondje snel wagenziek is, vraag je dierenarts dan om een middel hiertegen. Deze middelen kunnen goed helpen en voorkomen dat autorijden een kwelling is voor de hond. Meestal gebruik je deze middelen alleen tijdens de eerste maanden. Bouw het autorijden langzaam op. Eerst een heel klein ritje en dan steeds een stukje verder.

Om te voorkomen dat je hond te opgewonden raakt als je met hem met de auto weggaat, kun je hem beter leren dat autorijden niet altijd betekent dat er iets leuks gaat gebeuren. Soms eindigt de autorit met een fijne wandeling. Neem hem daarnaast ook mee als je even iets met de auto moet gaan doen. Ga een keer naar het winkelcentrum, waar hij aangelijnd naast je moet lopen. Een andere keer moet hij zelfs even in de auto blijven wachten.

Het alleen in de auto achterblijven moet je wel zorgvuldig aanleren om te voorkomen dat hij - gestrest vanwege jouw afwezigheid - je stoelen verscheurt. Alleen zijn in de auto is voor de pup een compleet andere situatie dan alleen thuis blijven, waar hij zich inmiddels veilig voelt en z'n eigen plekje heeft.

Ik ben er zelf beslist geen voorstander van om onze hond alleen in de auto te laten en zal dit ook nooit langer dan 5 minuten doen. Wilt u dit toch doen zorg dan voor  voldoende drinkwater en  frisse lucht en doe dit vooral nooit en nooit met warm weer het zal niet de eerste hond zijn die door oververhitting om het leven komt.

Blaffen in de auto

Een hond die steeds blaft in de auto is irritant en daardoor gevaarlijk. Hij leidt de aandacht van de bestuurder af in diens pogingen om de hond te laten stoppen met het blaffen. Soms slaat men in opperste frustratie naar achteren om de hond af te remmen. Soms helpt dat heel even, heel vaak helemaal niets.

Aangeleerd gedrag afleren
Net als alle gedrag moet gedrag zich ontwikkelen om effectiever te worden. Dat geldt ook voor het blaffen in de auto. Dat gedrag is ‘gewoon’ aangeleerd. Natuurlijk zal een zenuwachtige hond sneller gaan blaffen dan een heel relaxed typetje. En natuurlijk zal een hond met veel territoriumdrift eerder gaan blaffen dan een hond die met iedereen dikke maatjes is. Maar honden kunnen ook zomaar gaan blaffen waarbij het lijkt dat er geen enkele reden voor is. Hoe het ook zij, het is beter het gedrag voor te zijn.

Bang voor autorijden
Sommige honden haten autorijden, soms is de reden onbekend, soms zijn ze erg geschrokken, omdat ze van de bank zijn gevallen of omgevallen zijn bij plotseling hard remmen. Dergelijke honden weigeren de auto in te gaan of gaan er met veel tegenzin in. Soms zijn ze daarbij erg opgewonden, soms juist teruggetrokken en timide. Dat ligt een beetje aan het karakter van de hond en of hij en hoe bang hij is. Sommige honden zijn wagenziek, iets wat bij jonge honden vaker voorkomt en meestal rond het jaar (of eerder) als vanzelf over gaat.

Op de voorbank
Menige hond wil op de voorbank klimmen, omdat hij het daar naast de bestuurder een stuk gezelliger vindt. Dat geeft veel vruchteloos gemopper en pogingen om de hond terug te duwen. Soms blijft hij even beduusd zitten maar herhaalt vervolgens zijn escapades. Of de hond gaat blaffen uit frustratie wat ook weer gemopper geeft. Misschien zelfs een ongerichte klap naar achteren als de irritatie over het aanhoudende geblaf te groot wordt. De hond leert op die manier dat blaffen aandacht oplevert, weliswaar niet de leukste vorm, maar iets is meer dan niets. Daarom ga je vanaf het begin dat je hond meegaat in de auto zorgen dat autorijden leuk is en het gewenste gedrag – rustig achter op de bank liggen – te belonen.

Geef alleen aandacht aan gewenst gedrag
Laat iemand die jouw hond goed kent naast je hond op de achterbank gaan zitten. De hond krijgt alleen aandacht als hij rustig is en zich rustig gedraagt. Die persoon spreekt de hond op die momenten vriendelijk toe en houdt lichamelijk contact door een hand rustig tegen zijn hondenlijf aan te houden. Of door tegen zich aan te laten liggen. Als de hond onrustig wordt, troost je niet. Verbreek wel onmiddellijk het lichamelijke contact door je hand weg te trekken of op te schuiven.

Je kan de hond ook een kauwbotje geven of een met lekkers gevulde Kong om verveling te voorkomen. Je moet zo’n versnapering pas geven als de hond rustig is! Niet om hem rustig te krijgen want dan beloon je het onrustige gedrag waardoor dat zal toenemen!

Eerst gewenst gedrag, dan de beloning!
Ook hier geldt dat je heel goed moet weten wanneer je een botje of speeltje aan de hond geeft. Dat is alleen toegestaan als de hond rustig is, nooit als hij onrustig is. Want dan beloon je het ongewenste gedrag zodat het erger zal worden. Probeer ongewenst gedrag altijd te negeren.

Alleen met jou als bestuurder in de auto
Het is misschien niet mogelijk om de eerste keren iemand mee te nemen om het juiste gedrag van de hond te belonen. Dan is het belangrijk dat je toch zorgt dat je het gewenste gedrag kunt belonen. Neem als het enigszins kan een rustige route. Hou genoeg gevarieerd lekkers bij de hand en stop de hond iedere keer als hij rustig is iets lekkers toe. In het begin is het belangrijk het gewenste gedrag veel te belonen. Dan ga je om het gedrag vast te zetten over op interval beloning. En tenslotte onderhoud je het gewenste gedrag door af en toe te belonen als de hond rustig zit of ligt.

Als de hond al gewend is steeds te blaffen in de auto zul je moeten werken aan stil zijn.

Clickertraining bij blaffen in auto
Het enige wat echt helpt is een gerichte aanpak. Gebruik van de clicker is nu wel echt handig. Je kunt twee dingen doen, gaan clicken voor stil zijn en vervolgens voor rustig liggen of zitten. Dat werkt voor een hond die alleen maar blaft. Heb je echter een hond die ook als een dolle heen en weer springt, leer hem dan eerst om rustig op een matje te gaan liggen. Bijt je hond ook nog in je bekleding train hem dan eerst in een bench. Daarna leg je het matje of zet je de bench in de auto. Omdat de hond geleerd heeft in die omstandigheden rustig te zijn, zal hij door de conditionering dat in de auto ook makkelijker zijn. Vanaf het moment dat je matje of bench met een stille hond in de auto hebt volg je de training zoals hieronder beschreven staat.

De hond blaft wel, maar is niet helemaal door het dolle
In dit geval kun je meteen in de auto gaan trainen. Het is wel handig als iemand anders stuurt want trainen en sturen gaat niet samen. Click voordat je gaat rijden onmiddellijk voor het kleinste moment van stilzijn, liefst zelfs voordat de hond een poot in de auto heeft gezet. Dat is een beetje afhankelijk van waar het probleem begint. Misschien al in huis bij het aanlijnen, dan click je daar voor stil zijn. Misschien al bij instappen, dan click je voordat de hond instapt. Misschien pas bij wegrijden, dan click je voordat je gaat rijden.

Neem altijd genoegen met kleine stapjes van succes
De eerste seconden zonder blaffen zijn het begin van een geruisloze autorit. Click dus daarvoor en voer pas als die paar seconden goed gaan de tijd van stilte op. Rij vooral niet echt ergens naartoe, maar maak er een oefening van door maar een heel klein stukje te rijden. Of misschien rijd je nog geen centimeter, afhankelijk waar het probleem begint. Verhoog je norm echt heel langzaam. Als het begin er goed inzit gaat de rest veel beter dan wanneer het begin al twijfelachtig is. Schrijf op hoe lang je hond zijn mond dichthoudt. Soms lijkt het maar of men niet verder komt. Maar onmiddellijk blaffen of een minuut niet blaffen is voor je hond al een heel grote verandering.

Haal in ieder geval de conditionering er uit, reageer niet als je hond blaft! Als je hond weer gaat blaffen omdat de aangeleerde minuten van stil zijn voorbij zijn, probeer dan om niet op dezelfde manier daarop te reageren zoals je altijd hebt gedaan. Dat voorkomt dat je het gedrag onderhoudt, wat in ieder geval wel meegenomen is.

Wees ingesteld op terugval
Hoe ver je ook komt, er komt altijd een moment waarop het lijkt of de hond er niets van heeft begrepen. Reageer er niet op! Ga de volgende leersessie een stapje terug en begin op een lager niveau opnieuw.